[menubar_home]
Het ABC voor de Kernenergie Publieks Info Service

gifupgif search

Terug: ABC van Kernenergie
Vorige pagina: Kernenergiewet
Volgende pagina: Kernfysica


Kernfusie


Bij kernfusie worden een of meer nieuwe atoomkernen gevormd met iets minder massa dan de gezamenlijke massa van de oorspronkelijke kernen. Daarbij komt bindingsenergie vrij. Als voorbeeld enkele van de reacties die een hoofdrol spelen in de fusieprocessen in onze zon:

1H + 1H --> 2H + positron + neutrino
1H + 2H --> 3He + foton
3He + 3He --> 4He + 1H + 1H

Het onderzoek op het gebied van de plasmafysica voor fusiereactoren richt zich voornamelijk op de volgende reacties:

2H + 2H --> 3He (0,82 MeV) + n (2,45 MeV)
2H + 2H --> 3H (1,01 MeV) + 1H (3,02 MeV)
2H + 3H --> 4He (3,5 MeV) + n (14,1 MeV)

Het doel van het fusieonderzoek is om een beheerst verloop van de fusiereacties mogelijk te maken, en op zo'n manier dat de vrijkomende energie (in de vorm van warmte) nuttig is te gebruiken. Bij de conversie van 1 kg deuterium (2H-2H-reactie) komt een energie van ongeveer 24 miljoen kWh vrij. Dat is vergelijkbaar met de verbrandingswarmte van 3 miljoen ton steenkool. In een fusiereactor moet het plasma tot een temperatuur van meer dan 100 miljoen graden worden verhit. Het huidige onderzoek maakt voornamelijk gebruik van magneetveldopstellingen zoals de tokamak. De belangrijkste alternatieve manier heet traagheidsopsluiting.

Bij kernfusiereactoren ontstaat evenals bij splijting radioactief afval, tengevolge van de activering van constructiematerialen en het gebruik van tritium. Het grote verschil met splijting ligt naar verwachting in de inherente veiligheid van het proces, de geringere hoeveelheid afval en bovendien de geringere radiotoxiciteit daarvan.

 

[MailBox]
 

 
NRG, PO Box 25, NL-1755 ZG Petten, Netherlands, Tel +31-224564080, Fax +31-224563912
Informatie: info@nrg-nl.com
Update: april 1993