|
Een stralende toekomst
De vraag is niet óf er nieuwe kerncentrales in Nederland komen, maar hoe
en wanneer. Want in het denken over kernenergie heeft zich een ingrijpende
omslag voltrokken. Een rondgang langs de hoofdrolspelers in de politiek
en de nucleaire lobby. 'Kernenergie is hip geworden.'
THIJS BROER EN THIJS VAN BRUSSEL
Toen Pieter van Geel vorige week in het tv-programma Buitenhof pleitte
voor de bouw van nieuwe kerncentrales, was de opluchting op zijn gezicht
te lezen. Als staatssecretaris van Milieu in een rechts kabinet voelt
hij zich al jaren gemangeld tussen nobele doelstellingen en de cynische
praktijk, maar na al dat getob mocht hij nu van zichzelf eindelijk een
helder antwoord geven op de vraag hoe de beperking van C02-uitstoot alsnog
te realiseren is. Kernenergie. De oppositiepartijen betichtten hem
prompt van slappe knieën: tot voor kort was hij nog verklaard tegenstander
van nieuwe kerncentrales. Maar Van Geel weet zich gesteund door een ingrijpende
omslag in het denken over kernenergie in Nederland, een omslag die zich
binnen een halfjaar heeft voltrokken. De polderbestuurders en de nucleaire
lobby, die kortgeleden nog een bescheiden bestaan leidde, hebben elkaar
verrassend snel weten te vinden. In hoog tempo worden de geesten rijp
gemaakt voor kernenergie. De vraag is niet óf er nieuwe kerncentrales
komen, maar hoe en wanneer. 'Tot voor kort dacht ik dat we de strijd gewonnen
hadden, dat kerncentrales een aflopende zaak zijn,' zegt Wijnand Duyvendak,
Tweede-Kamerlid voor GroenLinks en ouddirecteur van Milieudefensie.
'Maar de laatste tijd heb ik moeten vaststellen dat dat niet zo is. Kernenergie
is weer helemaal terug. Een eerste belangrijke stap was het kabinetsbesluit
dat Borssele tot 2033 open mag blijven, maar dat werd nog met financieeltechnische
argumenten verdedigd, het was nog geen principiële keuze. De draai
die Van Geel nu maakt, is veel ingrijpender. Voor het eerst komt het kabinet
nu met zware argumenten voor kernenergie: de energievoorziening en
het milieu.'
NUCLEAIRE RENAISSANCE
De vaart waarmee kernenergie is teruggekeerd op de politieke agenda
is in de eerste plaats te verklaren door ontwikkelingen in de internationale
arena. De stijgende energieprijzen dwingen tot een heroverweging van
andere energiebronnen dan olie en gas. Die ontwikkeling wordt nog versterkt
door de strijd tegen het terrorisme en het bijbehorende besef dat het
Westen in veel opzichten veel te afhankelijk is geworden van onbetrouwbare
regimes. Niet alleen die in het Midden-Oosten, maar ook Rusland, grootproducent
van olie en gas. Afgelopen jaar dreigde Poetin de Oekraïne met het sluiten
van de gaskraan, waarmee hij liet zien dat de Russische Federatie niet
bang is voor power-play ten opzichte van haar afnemers, inclusief het
Westen. Intussen dringt het besef door dat westerse landen de verplichtingen
van Kyoto bij lange na niet gaan halen door de nog altij d groeiende uitstoot
van C02, gevolg van uitlaatgassen en kolencentrales. Zo verschijnt
kernenergie ineens weer in beeld als onafhankelijke, bestendige en,
in sommige opzichten, duurzame energiebron. Tegen die achtergrond
brak Tony Blair in november een lans voor de bouw van nieuwe kerncentrales,
en pleitte ook de nieuwe Duitse bondskanselier Angela Merkel voor een
heroriëntatie op kernenergie. Internationaal wordt al gesproken
over een 'nucleaire renaissance'.
MET FRISSE TEGENZIN
Intussen kwamen ook de polderbestuurders hier te lande in beweging.
Er verschijnen al een jaar of vijf berichten over een mogelijke opleving
van kernenergie. Maar sinds afgelopen zomer is de discussie in een stroomversnelling
gekomen. In juni verscheen het manifest 'Om een gezond, veilig en leefbaar
bestaan' van een commissie onder leiding van oud-parlementariër
Theo Rietkerk, die voor het CDA de toekomst van het energiebeleid verkende.
Daarin werden nieuwe investeringen in kernenergie als serieuze optie
genoemd. 'Kernenergie is een noodzakelijke tussenoplossing,' zegt
Rietkerk, 'als we binnen afzienbare termijn de uitstoot van C02 willen
terugdringen.' Dat standpunt werd van de zomer ook verkondigd in het
Energierapport van Economische Zaken, getiteld 'Nu voor later', waarin
de bouw van nieuwe kerncentrales in Nederland wordt aanbevolen. Te zelfder
tijd maakte CDA-prominent Ruud Lubbers zijn entree in de energiewereld.
Voorheen hield de oud-premier zich bezig met het lot van vluchtelingen,
maar toen hij in juni voorzitter werd van de Raad van Toezicht van het Energie
Centrum Nederland (ECN) liet hij zich snel bekeren tot de nucleaire revival.
In oktober bepleitte hij al een heroriëntatie op kernenergie, in december
zei hij 'geen principiële reden te zien waarom we in Nederland niet
meer kerncentrales zouden bouwen', en heette kernenergie opeens zelfs
goed te zijn voor het milieu: 'Als je recyclet en goed beheert, is kernenergie
gewoon een duurzame energiebron.' Na Lubbers' voorzet voelde ook zijn
voorganger bij ECN, oud-minister Jan Terlouw, zich genoopt een duit
in het zakje te doen. In Netwerk en HP/De Tijd noemde hij kernenergie een
'noodzakelijk kwaad' en een 'onmisbare tussenoplossing' om op den duur
tot werkelijk duurzame energie te komen. Ook bij de VVD, vanouds de meest
uitgesproken voorstander van kernenergie in de Nederlandse politiek,
kwamen de prominenten het afgelopen jaar in beweging. Een jaar geleden
bekende Pieter Winsemius, oud-minister van Milieu en tegenwoordig
lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, dat hij
'met buitengewoon frisse tegenzin' weer over kernenergie was gaan nadenken.
'Begin jaren tachtig was ik voorstander van kernenergie,' zegt Winsemius.
'Na de ramp in Tsjernobyl in 1986 werd ik genuanceerd tegenstander. Volgens
mij was Lubbers in die tijd dezelfde mening toegedaan. Lubbers is inmiddels
weer voorstander. Daar ben ik, met al mijn aarzelingen, ook toe geneigd.'
GEEN APOCALYPTISCHE VISIOENEN
De drie belangrijkste plaatsen waar nucleaire activiteiten in Nederland
zich concentreren, zijn de Nuclear Research & Consultancy Group (NRG)
in Petten, het Reactor Instituut aan de TU Delft en de kerncentrale in
Borssele. De bestuurders van die instituten zijn meteen de voornaamste
lobbyisten, want een nucleaire industrie en een bijbehorende lobby
zijn in Nederland nooit echt van de grond gekomen. Na de ramp in Tsjernobyl
verdwenen de plannen voor de bouw van nieuwe kerncentrales in de ijskast.
Sindsdien houden de energiebedrijven zich angstvallig op de vlakte.
Wanneer ze confereren over kernenergie doen ze dat bij voorkeur in het
buitenland: zo organiseerde Eneco anderhalf jaar geleden een congres
in het zonnige Athene. Alleen Delta, het energiebedrijf dat met Essent
belangen heeft in Borssele, durfde zich de afgelopen jaren openlijk
voor de bouw van een nieuwe centrale uit te spreken (zie kader). Door de
privatisering van de energiemarkt zal de mogelijke bouw van nieuwe kerncentrales
voor rekening komen van de energiebedrijven, niet van de overheid. Maar
de meeste energiebedrijven kijken vooralsnog de kat uit de boom. Dat
alles tot grote frustratie van de reactorfysici, die zich al sinds
Tsjernobyl opgezadeld zien met het lobbywerk. Het kleine clubje wetenschappers
dat de nucleaire kennis in Nederland op peil moest houden, ging in de jaren
tachtig 'zowat ondergronds', zoals Ruud Lubbers het in oktober uitdrukte,
vanwege de massale weerstand in de samenleving. 'Tot een paar jaar geleden
zei ik op feestjes nooit waar ik werkte,' zegt reactorfysicus Hugo van
Dam, in de jaren tachtig en negentig de centrale figuur in het nucleaire
onderzoek en de nucleaire lobby. 'Want als ik dat wel zei, moest ik me urenlang
verdedigen.' Van Dam heeft zelfs nog moeten meemaken dat hij persoonlijk
werd bedreigd door radicale actievoerders. Maar inmiddels is de polarisatie
voorbij. De herinnering aan de Koude Oorlog met zijn apocalyptische
visioenen is vervaagd, het ideologische engagement dat in de jaren tachtig
nog honderdduizenden op de been bracht, heeft plaatsgemaakt voor pragmatisme.
Sinds kort vinden de reactorfysici, die zich langdurig miskend hebben
gevoeld, weer in brede kring gehoor.
KERNENERGIE IS HIP
Die ontwikkeling gaat hand in hand met een omslag die zich binnen de kleine kring van Nederlandse
kernfysici heeft voorgedaan. Hugo van Dam stond indertijd als hoogleraar
reactorfysica in Delft niet alleen bekend om zijn gezaghebbende onderzoek,
maar ook om zijn soms wat stuurse omgang met de politiek en de milieubeweging.
Ruim twee jaar geleden nam hij afscheid met de wat wrokkige uitspraak
dat Nederland een 'nucleair ontwikkelingsland' dreigde te worden.
Hij werd opgevolgd door Tim van der Hagen, een niet minder briljant wetenschapper,
maar in sociaal opzicht het tegenovergestelde van Van Dam: vlot, goed
gebekt, een handige lobbyist met een goed gevoel voor maatschappelijke
en politieke verhoudingen. In korte tijd is Van der Hagen de meest toonaangevende
figuur geworden in de kleine maar actieve lobby voor kernenergie. En
hij heeft het tij mee. Sinds een klein jaar krijgt hij steeds meer weerklank
voor de boodschap die hij tijdens seminars, conferenties en besloten
bijeenkomsten met ondernemers en politici onvermoeibaar uiteenzet:
dat kerncentrales veel veiliger zijn dan vroeger, dat het afval veel
beter opgeslagen en verwerkt kan worden dan voorheen, dat een groot deel
van de kritiek hypocriet is omdat we al zes procent van de energievoorziening
betrekken van kerncentrales in het buitenland en dat kernenergie verantwoord
en onmisbaar is als aanvulling op andere energiebronnen. 'Het taboe
op kerncentrales is verdwenen,' zegt hij. 'Kernenergie is hip geworden.'
MAATSCHAPPELIJK DRAAGVLAK
André Versteegh, directeur van NRG, verwachtte
al langer dat kernenergie weer terug zou komen in de politieke belangstelling.
'Maar dat het zo snel zou gaan, had ik niet verwacht.' Versteegh maakt
zich al jaren sterk voor voorlichting over nucleaire technologie door
middel van lezingen, gesprekken met politici, rondleidingen in de onderzoeksreactor
in Petten. 'Voor alle duidelijkheid: wij zijn een kenniscentrum,' zegt
hij, 'en niet een lobbyorganisatie. Ons standpunt is dat energie überhaupt
hoger op de 'De eerste nieuwe centrale kan er in 2020 staan'
agenda moet. Dan kom je vanzelf ook bij kernenergie uit.' Ook Hugo van
Dam, die zich na zijn emeritaat via de Stichting Kern visie blijft inzetten
voor'het realiseren van een maatschappelijk draagvlak voor kerntechnologie',
is de omslag niet ontgaan. 'Als we een paar jaar geleden met CDA-politici
gingen praten, zeiden ze altijd dat ze eigenlijk ook voor kernenergie
waren, maar dat ze daar niet mee naar buiten konden vanwege het maatschappelijke
klimaat. Diezelfde CDA'ers zeggen de laatste maanden ronduit wat ze
al veel langer vinden: dat kernenergie onmisbaar is.'
HET CDA IS OM
In de Kamer begint zich intussen een meerderheid voor de bouw van nieuwe
kerncentrales af te tekenen. Zo kort voor de verkiezingen zal dit kabinet
er weinig meer aan kunnen doen. Maar bij de komende kabinetsformatie
zal kernenergie zonder twijfel een belangrijk thema worden. De meest
uitgesproken voorstander is, zoals vanouds, de WD: 'Als het aan ons ligt,
wordt er op korte termijn begonnen met de bouw van een nieuwe centrale,'zegt
energiewoordvoerder Paul de Krom. 'En als het aan mij ligt wordt dat standpunt
ook overgenomen in het verkiezingsprogramma.' Ook het CDA is inmiddels
om. In het vorige verkiezingsprogramma werd kernenergie nog uitgesloten
als het afvalprobleem niet was opgelost. Daar stapt het CDA nu vanaf.
'Het terugdringen van de C02-uitstoot is zo urgent dat we het niet redden
tot 2050 zonder kernenergie,'zegt energiewoordvoerder Liesbeth Spies.
'Wij nemen de aanbevelingen uit het manifest over in het verkiezingsprogramma.'
WENDBARE HOUDING
En dan is er nog de PvdA-Energiewoordvoerder Diederik
Samsom, voorheen werkzaam bij Greenpeace en kernfysicus uit de stal
van Hugo van Dam, verzet zich tot op heden krachtig tegen nieuwe kerncentrales
met vurige pleidooien voor energiebesparing en nieuw te bouwen windmolenparken.
'Het is natuurlijk van de zotte dat de regeringspartij en eerst jarenlang
niks hebben gedaan aan duurzame energie en energiebesparing,' zegt
hij, 'en dat ze nu opeens roepen dat we kerncentrales nodig hebben om het
milieu te redden.' De toekomst van de kernenergie zal in hoge mate afhangen
van de PvdA. Maar of de partij ook na de verkiezingen de lijn van Diederik
Samsom zal blijven volgen, is maar zeer de vraag. Nu al sluit de PvdA kernenergie
niet categorisch uit, getuige een rapport van de Wiardi Beekman Stichting.
Weliswaar wordt de bouw van kerncentrales daarin gepresenteerd als
minst wenselijk optie die pas aan de orde is wanneer alle andere mogelijkheden
niet blijken te voldoen, maar dat scenario komt steeds dichter bij. Gezien
de wendbare houding die partijleider Wouter Bos in eerdere principiële
kwesties aan de dag heeft gelegd (de oorlog in Irak, de missie naar Uruzgan),
zou Samsom in zijn eigen partij - ondanks de steun die hij nu heeft - op den
duur best eens een roepende in de woestijn kunnen blijken.
David Luteijn, oud-VVD-senator, is directeur van Delta, het eerste
energiebedrijf dat onlangs openlijk pleitte voor de bouw van nieuwe
kerncentrales.
Waarom kijken de andere energiebedrijven nog de kat
uit de boom?
'Ik denk dat ze verrast zijn door het tempo waarin het denken
over kernenergie in de samenleving en in de politiek de laatste tijd is
veranderd. Wij zijn al enige jaren bezig met het verkennen van de mogelijkheden
voor nieuwe kerncentrales. Daarom konden we snel reageren toen de staatssecretaris
in Buitenhof voor kernenergie pleitte.'
Volgens critici heeft u makkelijk
praten: uw bedrijf is niet groot genoeg om de bouw van een centrale zelfstandig
te financieren. 'Die opmerkingen hebben me verbaasd. Wij zijn niet een
heel groot bedrijf, maar dit soort investeringen kunnen wij ons wel veroorloven.
Bij de bouwvan een kerncentrale praat je over een paar miljard. Voor een
groot deel kan je dat financieren met bankleningen, en voor een deel met
eigen vermogen. Als we voor de bouw van een centrale met een partner in
zee gaan, zouden we er zelf zo'n 350 miljoen in moeten stoppen. Dat is voor
ons geen probleem.
' Ruud Lubbers noemt kernenergie opeens 'duurzaam'. Bent u het daarmee eens? 'Er is voldoende uranium voor een paar honderd
jaar. In dat opzicht is kernenergie duurzaam. De winning en verwerking
is dat ook. Het kernprobleem is de opslag en het afbreken van het afval.
Maar dat hebben we behoorlijk onder de knie. En we verwachten dat het afbreken
van het afval de komende jaren nog aanzienlijk kan worden versneld.'
Van dat afval hebben we nog 240.000 jaar last. Erg duurzaam klinkt dat
niet. 'Dat is een verouderd gegeven. Wetenschappers gaan ervan uit dat
het in de nabije toekomst mogelijk is die periode terug te brengen tot
een paar honderd jaar.' Maar dat moet nog blijken. 'Daarom moeten we er
bij het bouwen van nieuwe centrales rekening mee houden dat het afval
zo wordt opgeslagen dat het in de toekomst met nieuwe technieken kan worden
verwerkt.' Jan Terlouw noemde kernenergie onlangs een 'noodzakelijke
tussenfase'. 'Op de heel lange termijn kunnen we heel ver komen met de
ontwikkeling van andere energiebronnen, maar voor de overzienbare
periode van laten we zeggen vijftig jaar hebben we kernenergie echt nodig.'
Verwacht u dat de weerstand tegen kernenergie zal groeien nu de bouw van
nieuwe centrales dichter bij komt? 'Ik zie de weerstand in de samenleving
vooral verminderen. In Zeeland is men daar al heel ver in. Hier ziet men
ook hoe belangrijk kernenergie kan zijn voor werkgelegenheid en de ontwikkeling
van hoogwaardige technologie. Ik verwacht dat kernenergie steeds meer
zal worden geaccepteerd.' U zou nu al een vergunning kunnen aanvragen
voor de bouw van een centrale. Waar wacht u nog op? 'Intern zijn we daar
nog niet helemaal klaar voor. Het zou nu ook niet verstandig zijn overhaast
te werk te gaan. Eerst moet er politiek draagvlak voor zijn. Maar dat komt
snel dichter bij. Zelfs de PvdA heeft de deur al op een kier gezet.' Wanneer
moet de bouw beginnen? 'In 2015 kan het rond zijn met de besluitvorming
en vergunningen. Dan kan de eerste nieuwe centrale er in 2020 staan.'
KERNGESCHIEDENIS
1968 Opening kerncentrale Dodewaard
1973 Opening kerncentrale Borssele
1981-1983 Brede Maatschappelijke Discussie over kernenergie
1985 Kabinet-Lubbers besluit tot bouw drie nieuwe centrales
1986 Kernramp in Tsjernobyl, bouw centrales bevroren
1994 Kabinet besluit Borssele in 2003 te sluiten 1997 Dodewaard gaat dicht
2002 Regeerakkoord: sluiting Borssele uitgesteld tot 2013 januari
2006 Sluiting Borssele uitgesteld tot 2033 februari
2006 Van Geel pleit voor nieuwe kerncentrales
|