|
Het onderzoek naar kernfusie nadert een doorslaggevend stadium: zalhet mogelijk zijn kernfusie toe te passen als veilige, commerciële energiebron ? De experimentele kernfusiecentrale ITER moet het antwoord geven. De bouw van de centrale kan binnenkort eindelijk beginnen. Maar de techniek is er al vijftien jaar klaar voor.
Vijftig jaar al duurt het onderzoek naar kernfusie als veilige, schone
energiebron. Het is een technische uitdaging die tot op de dag van vandaag
voortduurt. Op papier lijkt het eenvoudig: boots het proces na dat plaatsvindt
in sterren, zoals onze zon, en laat atoomkernen samensmelten. Elke seconde
worden in de zon miljoenen tonnen waterstof omgezet in helium. Bij dit
proces smelten verschillende lichte atoomkernen (waterstof) samen
tot een zwaarder element (helium). Door deze fusie komt energie vrij,
die de zon doet stralen en ons haar warmte geeft. Kernfusie is het tegenovergestelde
van kernsplijting, zoals die plaatsvindt bij' de energieproductie
in een kerncentrale. Atomen worden dan juist door één nucleaire
kettingreactie gesplitst. Dat levert naast energie ook veel radioactief
afval op en het proces is niet ongevaarlijk. Na jaren experimenteren
leverde hét onderzoek naar kernfusie m de jaren zestig een installatie
op, dat het meest geschikt bleek voor het fusieproces.
Dit is de 'Tokamak',
een machine in de vorm van een 'donut', ook torus genoemd. Het is in deze
ring dat waterstofgas tot 150 miljoen graden wordt verhit en in plasma
verandert. In dit plasmavuur kunnen atoomkernen en hun elektronen vrij
bewegen en fuseren. Als brandstof worden de waterstofvarianten deuterium
en lithium gebruikt, beide ruim in de natuur voorhanden. Deuterium kan
uit zeewater worden onttrokken, lithium is een veelvoorkomend metaal.
In de reactor wordt lithium omgezet in tritium. Dat is radioactief, maar
er is maar weinig voor nodig en het proces vindt in de reactor plaats. Het
resultaat is het onschadelijke gas helium.
Bewijs
Het bewijs dat kernfusie als energiebron werkt, werd al geleverd met
de JET (Joint European Torus) in Engeland, de grootste Tokamak die tot
nog toe is gebouwd. In deze ruim 25 jaar oude installatie werd gedurende
l seconde IGmegaWatt aan fusie-energie opgewekt. Het onderzoek gaat
door, ook haar andere reactorvormen dan de Tokamak. Ondertussen zien
wetenschappers reikhalzend uit naar het lang verwachte vervolg: de
ITER (International Thermonuclear Experimental Reactor), een initiatief
dat al dateert uit de jaren tachtig. Het is ontworpen om gedurende tien
minuten 500 megaWatt aan energie op te wekken, tien keer meer energie
dan er nodig is om het plasma in stand te houden. De contracten voor de bouw
van de fusiereactor - een complex zo hoog als een flatgebouw van tien verdiepingen
kunnen elk moment getekend worden. De bouw zal tien jaar duren. Na lang
touwtrekken is Cadarache in ZuidFrankrijk als vestigingsplaats gekozen.
De investering bedraagt in totaal ¬ 10 miljard voor twintig jaar. Het
internationale gezelschap dat deelneemt bestaat in elk geval uit de
Europese Unie, China, Japan, Rusland en de VS. Een belangrijke bijdrage
is weggelegd voor het Nederlandse FOM-instituut voor plasmafysica
in Nieuwegein. Dit zal zich vooral bezighouden met het ontwerp van de
wand van de reactor, die twee keer zo groot zal worden als de bestaande
JET: vier meter breed en acht meter hoog.
Het nabootsen van de zon
„Het is technisch een enorme uitdaging. Dit wordt het meest complexe
project dat de mens ooit heeft ondernomen", stelt Niek Lopez Cardozo,
hoofd kernfusieonderzoek van het FOM. Het stabiel houden van het plasma
is niet zozeer het probleem, denkt Cardozo. „Over de bekende parameters,
zoals de temperatuur, de kwaliteit van de 'opsluiting' van het plasma
in magnetische velden, daar is eigenlijk geen twijfel meer over. Dat
beschouw ik zo goed als opgelost. Maar de theorie over de turbulentie
die zich in het plasma kan voordoen, dat is een gebied waar we nog nooit
geweest zijn. Er zijn wel ideeën over, maar je zult het eerst moeten
bouwen."
Warmtebelasting
Cardozo houdt zich zelf bezig met de warmtebelasting op de wand. Uit het
plasmavuur ontsnappen voortdurend hooggeladen deeltjes. „Wat zal
er gebeuren? Vindt er erosie plaats, of slijtage of gaat de wand smelten?
We zullen er alles aan doen dat in de hand te houden." Er worden drie soorten
materiaal getest: koolstof, wolfraam en beryllium; metalen die een
hoog smeltpunt hebben. Persoonlijk fascineert hem het meest dat er een
geavanceerde 'ontwikkelingsmachine' wordt gebouwd, die de toestand
op de zon nabootst en duidelijke doelen moet behalen. „Er is een enorme,
internationale focus op dit werk, dat het onderzoek naar kernfusie ver
vooruit kan helpen." ITER zal na veertig jaar gevolgd worden door de fusiecentrale
DEMO, die tot een commerciële energieproductie moet komen. Cardozo
mengt zich niet in de discussie over een eventuele tweede kernreactor,
zoals nu wordt overwogen. „Dat gaat om energieproblemen van nu. Kernfusie
kan dat nog niet oplossen. Er is zelfs geen leveringszekerheid te geven
binnen veertig jaar. Maar we weten wel dat de problemen (door uitstoot
van gassen, uitputting van fossiele brandstoffen, red) over vijftig
jaar een veelvoud zijn van nu." Hij betreurt het dat de internationale
inspanning al niet tien tot vijftien jaar geleden gericht werd op de ontwikkeling
van kernfusie als schone energie. „Technisch waren we er toen al klaar
voor. We hadden al lang kunnen beginnen. Al die tijd is verloren gegaan
en iedereen zit dat nu in te halen." De Rus Lev Artsimovich, pionier op
het gebied van kernfusie, stelde vele jaren geleden al: „Kernfusie komt
er als de maatschappij het nodig heeft." Hij lijkt gelijk te krijgen.
|