|
„Borssele voortijdig sluiten, betekent een enorme kapitaalvernietiging;
buitengewoon onverstandig en onlogisch", zegt ir. André Versteegh,
directeur van de Nuclear Research & consultancy Group (NRG) in Petten
„En als je Borssele sluit, moet je dat op korte termijn wel compenseren
met andere energiebronnen, die veel meer CO2 uitstoten. Dat betekent
dat je tien jaar hard werken voor duurzame energie in één klap tenietdoet."
Als Borssele dichtgaat, betekent dat volgens Versteegh ook dat de weg
naar eventuele nieuwe kerncentrales in Nederland bijna onbegaanbaar
wordt. En dat wil hij juist niet. „Nieuwe kerncentrales moeten mogelijk
zijn in Nederland. Anders kunnen we onmogelijk aan de post-Kyoto-doelstellingen
voldoen. Want je moet rekenen: Kyoto is nog maar een marginaal begin.
Tientallen jaren verder moet er veel meer gebeuren." Versteegh staat
positief tegenover duurzame energie. „Biomassa levert zeker een substantiële
bijdrage en een windmolenpark op zee ook. Zonne-energie heeft op de lange
termijn—niet binnen tien jaar- ook potentie. Maar met al deze vormen
van duurzame energie redden we het niet. Het is én kernenergie én
duurzame energiebronnen." Groot voordeel van kernenergie is de zogenaamde
voorzieningszekerheid, aldus de NRG-directeur. „Een centrale levert
vijftig of zestig jaar energie, zonder afhankelijk te zijn van grondstoffen
uit politiek instabiele landen, tegen een zeer stabiele prijs; de grondstof,
uranium, is namelijk slechts 3 procent van de kilowattuur-prijs." Een
te grote afhankelijkheid van het buitenland is niet goed, meent Versteegh.
„Op dit moment betrekt Nederland 15 procent van de energie uit het buitenland,
waarvan de helft uit kerncentrales. Omgerekend heeft Nederland dus
eigenlijk twee kerncentrales in het buitenland staan. Op zich niets
mis mee, maar als er bijvoorbeeld in Frankrijk iets misgaat, zegt de Franse
regering niet: Eerst Nederland en dan Parijs." „Nieuwe centrales zijn
zo geconstrueerd dat eventuele gevolgen na een ramp binnen het hek blijven",
zegt Versteegh. „Ze leveren ook minder afval. Dat is heel goed en veilig
op te bergen. Bovendien kun je de levensduur van radioactief afval terugbrengen.
Een gunstige ontwikkeling die verder onderzoek behoeft zodat je de maatschappij
een keuze kunt bieden. Maar aan de andere kant: De wil om 10 tot 15 procent
meer te betalen, moet er wel zijn. Daar ontbreekt het vaak aan."
|