|
Duitsland en Belgie willen hun kerncentrales sluiten en binnen de EU
komen er weinig nieuwe meer bij. Maar: "De kernindustrie is zeker niet
dood."
Heleen de Graaf
De discussie over kernenergie in Nederland beperkt zich meestal tot
de vraag of, na Dodewaard, ook de kerncentrale Borssele dicht moet. Buiten
onze landsgrenzen echter, wordt er nog flink gebouwd aan kerncentrales,
tot groot genoegen van de bedrijven in de kernindustrie die wel degelijk
een rol zien weggelegd voor kernenergie. Duitsland wil zijn kerncentrales
sluiten, Belgie ook. En behalve Frankrijk was er jarenlang geen land
in West-Europa dat nieuwe centrales bouwde. Slechte tijden dus voor
de bedrijven die de installaties bouwen? "Ik zou nieuwe projecten verwelkomen,
maar het feit dat de markt in West-Europa volwassen is, heeft geen kwalijke
gevolgen voor ons bedrijf", zegt Arthur Montalembert, vice-president
van de internationale divisie van Areva.
Het Franse nucleaire energiebedrijf Areva is een van de grootste in de
sector en tevens een van de weinige bedrijven die in de hele cyclus aanwezig
zijn: van de productie en verrijking van uranium tot de bouw van de kerninstallatie
en de afbraak ervan. Er mogen dan in de landen van de Europese Unie weinig
centrales worden gebouwd, er staan er wel veel die onderhouden moeten
worden, bijvoorbeeld via de servicecontracten van Areva. Het Franse
bedrijf, dat wordt gecontroleerd door de Franse overheid, had in 2001
een omzet van 8,9 miljard euro en wereldwijd een kleine vijftigduizend
werknemers. De operationele winst in 2002 zal met ten minste 10 procent
groeien vergeleken met de 122 miljoen van 2001. Ook concurrenten zoals
staatsbedrijf British-Nuclear Fuel (BNFL) zijn geen kleine ondernemingen.
BNFL maakte in het fiscale jaar 2002, dat eindigde op 31 maart, een omzet
van 2,6 miljard pond (3,4 miljard eufo) en Urenco, een internationale
groep waar de Nederlandse vestiging een belangrijk deel van is, behaalde
twee jaar geleden een omzetcijfer van 655 miljoen euro. Urenco bouwt
geen centrales, maar concentreert zich op de productie van splijtstof
voor de kerncentrales. "De kernindustrie mag dan niet booming zijn,
ze is zeker niet dood", zegt André Versteegh, directeur van de Nuclear
Research and consultancy Group (NRG), de organisatie die de reactor
in Petten exploiteert. Maar is er ook een toekomst voor de bedrijven?
In de EU staat tegenover de Duitse en Belgische plannen om de centrales
binnen enkele decennia te sluiten slechts het voornemen van Finland
om een nieuwe installatie te bouwen. Montalembert echter verwacht dat
Berlijn en Brussel nog wel eens terug kunnen komen van hun besluit en verwacht
op termijn zelfs weer nieuwbouw in Europa, waar de centrales 30 procent
van de elektriciteit leveren. Hij haalt het voorbeeld van Zweden aan,
waar begin jaren tachtig werd besloten voor 2010 alle centrales te sluiten.
"Ze hebben er één gesloten, maar de rest blijft voorlopig open. De
realiteit heeft deze verandering tot stand gebracht, men heeft onvoldoende
alternatieve bronnen om de elektriciteitsvoorziening in stand te houden
als de centrales dichtgaan."
INDUSTRIE Het probleem van de plannen centrales te sluiten is volgens
de Fransman dat ingenieurs niet meer genegen zijn in de nucleaire sector
te gaan werken. "Waarom zou je iets gaan studeren dat met nucleaire industrie
te maken heeft, of in deze sector willen werken als de kans bestaat dat
de industrie ophoudt te bestaan?" Maar tegenover landen als Duitsland
en Belgié -- dat 60 procent van zijn stroom momenteel uit de kernenergie
haalt -- staat nog steeds een groot aantal landen dat wél centrales
wil bijbouwen of dat, aldus Montalembert, de draad weer zal oppakken.
Areva kijkt dan vooral naar Azié, waar de bevolking snel groeit en de
behoefte aan elektriciteit hard stijgt. Volgens het International
Atomic Energy Agency zijn er wereldwijd 442 kerncentrales actief en
35 kerncentrales in aanbouw, vooral in China, Japan, India en Zuid-Korea.
"De Europese markt is volwassen, maar Azie is veel later begonnen en er
is daar voorlopig nog geen eind aan de groei in zicht", aldus Montalembert.
De sector heeft desondanks wel een periode van consolidatie achter de
rug. Areva bijvoorbeeld werd geformeerd in september 2001 en is een combinatie
van de plutoniumbewerker COGEMA, de Franse atoomenergie-commissie
en Framatome, een bedrijf waar het Duitse Siemens een groot belang in
heeft. Een belangrijke reden voor de fusiegolf was de liberalisering
in de westerse landen van de elektriciteitssector. De deregulering
in de VS maakte nucleaire energie, die goedkoop is op te wekken als de centrale
er eenmaal staat, weer aantrekkelijk voor stroomproducten. De fusiegolf
begon ook in de VS, waar in 1997 PECO Energy en British Energy gingen samenwerken
in een bedrijf Amergen, om centrales op te kopen. De prijzen van centrales
stijgen hard in de VS omdat ze vrijwel non-stop stroom kunnen leveren
voor een lage prijs. Sindsdien zijn er vele overnames en fusies geweest
waarvan de creatie van Areva en de aankoop van het Amerikaans Westinghouse
door het Britse BNFL hoogtepunten waren.
Montalembert denkt dat de grootste fusies wel achter de rug zijn. "Ik
geloof dat we een grens bereikt hebben, er is een balans." De consolidatie
was ook een reactie op de vele overnames en fusies in de energiesector,
aldus de Fransman. "De klanten gingen consolideren, dus wij ook." Zijn
optimistische kijk op de toekomst van de nucleaire industrie heeft niet
alleen te maken met de groeicijfers in Azie. Montalembert gelooft dat
de Verenigde Staten in de toekomst weer centrales zullen gaan bouwen
of moderniseren, en dus een potentiele klant zijn. De discussie in de
VS over de leveringszekerheid van stroom, de toenemende afkeer van de
afhankelijkheid van derden en de nog altijd stijgende vraag naar elektriciteit
zullen leiden tot nieuwbouw, aldus Montalembert. Versteegh bij de NRG
is het hiermee eens. "De ver wachting is dat er in de VS weer gebouwd gaat
worden, en ik denk dat Europa op een later tijdstip zal volgen." In Europa
speelt het verdrag van Kyoto een belangrijke rol. De regering Bush weigert
de afspraken over de uitstoot van broeikasgassen die in de Japanse stad
zijn gemaakt na te komen, maar in Europa hebben de landen het verdrag wel
ondertekend.
De rol van kerncentrales is dat zij dan wel uiterst giftig kernafval produceren,
maar geen kooldioxide, het gas dat verantwoordelijk wordt gehouden
voor de opwarming van de aarde. Ook Versteegh ziet Kyoto als een belangrijke
factor die kernenergie, en dus de industrie eromheen, nieuw leven zal
inblazen in Europa. "De rationaliteit zal mensen dwingen weer te gaan
nadenken over nucleair vermogen. Er is helaas geen alternatief om aan
de doelstellingen te voldoen, want energie uit wind en zon is heel goed,
maar het levert te weinig op." Milieubeweging Greenpeace, dat nog steeds
actie voert om Borssele de deuren te laten sluiten, geeft tegenwicht
door te stellen dat er helemaal geen nucleaire opleving wordt verwacht.
"De bevolking is nog steeds negatief over kernenergie en nieuwe centrales
zijn dan ook niet te verkopen. Het terugbrengen van de uitstoot van kooldioxide
kan ook met andere middelen, zoals windenergie", zegt een woordvoerster.
Voorlopig verwacht het Franse Areva dat de operationele winst vorig
jaar met minstens 10 procent gestegen zal zijn en wacht het op een beslissing
van de Finse regering. Areva is in de race om de order binnen te halen voor
de bouw van een nieuwe reactor in de Finse Teollisuuden Vioma centrale.
Het Franse programma voor de bouwvan kerncentrales is vrijwel voltooid
-- Areva bouwde 58 reactoren -- maar Arthur Montalembert van Areva verwacht
dat hij, afgezien van de regelmatige reizen naar Azié, in de toekomst
af en toe dichter bij huis kan blijven voor de internationale opdrachten.
|