|
Het voortbestaan van de kerncentrale Borssele staat voortdurend ter
discussie. Over de toekomst wordt beslist door het nieuwe kabinet.
Joost van Kasteren
Het is een soort Kneipp-kuur, waarbij we afwisselend
warm en koud water over ons heen krijgen", zegt ir. Roger Miesen, adjunct-directeur
van EPZ, het bedrijf dat de kerncentrale Borssele exploiteert. "De ene
keer kri~gen we te horen dat de kerncentrale dicht moet en dan moet hij
ineens weer openblijven. Ik geloof dat het nu de bedoeling is dat we openblijven,
maar dat kan zo weer veranderen als gevolg van de onderhandelingen over
het regeerakkoord." Het klinkt laconiek, maar Miesen geeft toe dat het
voor de 325 personeelsleden van de centrale niet leuk is om steeds tussen
hoop en vrees te leven. Zoveel banen zijn er immers niet voorhanden in
de omgeving van Vlissingen.
De eventuele sluiting van Borssele heeft een lange aanlooptijd. In de
nasleep van het reactorongeluk in Tsjernobyl (1986) werd ook de Zeeuwse
centrale tegen het licht gehouden. Uit het rapport van het Internationaal
Atoom Energie Agentschap (IAEA) bleek een aantal tekortkomingen, die
noopten tot ingrijyende modiflcatie van de installatie. De SEP (Samenwerkende
Elektriciteitsproducenten) dachten het benodigde bedrag, ruim 200
miljoen euro, wel op te kunnen brengen. Maar dan moest de centrale wel
vier jaar langer in bedrijf blijven, tot 2007. In de daarop volgende discussie,
waarbij ook onduidelijkheid ontstond over vergunningen, besloot het
parlement echter dat Borssele op 3 december 2003 zou moeten sluiten.
Het besluit leidde wel tot een afspraak met de SEP, maar omdat deze niet
contractueel is vastgelegd, bepaalde de rechter in september jongstleden
dat Borssele niet dicht hoeft.
Openhouden tot 2015 of misschien wel 2030 of langer zou volgens adjunct-directeur
Miesen bijzonder verstandig zijn. Niet alleen omdat elektriciteit
uit Borssele goedkoop is, maar ook omdat de centrale een, zij het bescheiden,
rol speelt bij het verwerken van splijtstof uit overbodig geworden kernwapens.
Dat zit zo. Het radioactieve afval uit Borssele wordt opgewerkt in Frankrijk.
Daarbij komen uranium en plutonium vrij, die beide als brandstof kunnen
dienen voor kerncentrales. Het plutonium wordt gemengd met 'vers' uranium
tot Mixed Oxide Fuel, dat elders wordt benut. Het vrijkomende uranium
wordt in Rusland gemengd met splijtstof uit kernwapens en zal dit jaar
voor het eerst worden ingezet in Borssele. Miesen: "Zo dragen we een klein
steentje bij aan het verwijderen van kernwapens." Een andere reden om
de kerncentrale open te houden is dat deze geen kooldioxide uitstoot.
En dat is weer van belang als Nederland zijn internationale verplichting
wil nakomen om tussen 2008 en 2012 de uitstoot van dit broeikasgas terug
te dringen. Die reductie wordt bij lange na nog niet gerealiseerd, maar
zou, volgens pleitbezorgers van kernenergie, helemaal uit het zicht
verdwijnen als de kerncentrale zou moeten sluiten. Met dit milieuargument
leken de voorstanders van openblijven de tegenstanders de wind uit de
zeilen te nemen. Zoals gebruikelijk echter liet een reactie niet op zich
wachten. Emeritus hoogleraar Phil Smith en natuurkundeleraar Jan Willem
Storm van Leeuwen rekenden voor dat gebruik van kernenergie voor elektriciteitsopwekking
nauwelijks leidt tot een lagere uitstoot van kooldioxide. De oorzaak
is het gebruik van fossiele energie voor de winning, het transport en
de verrijking van uranium. Daarbij komt zoveel kooldioxide vrij dat
een kerncentrale nauwelijks onderdoet voor een gewone gasgestookte
centrale.
BORSSElE De bevindingen van de twee werden fors bekritiseerd. In het
Technisch Weekblad woedde wekenlang een heftige discussie, waarbij
voor- en tegenstanders van kernenergie elkaar met cijfers om de oren
sloegen. Een voorlopige conclusie is dat de schattingen over kooldioxide
van Smith en Storm van Leeuwen wel erg somber zijn. Volgens het Internationaal
Atoom Energie Agentschap levert de productie van één kilowattuur
elektridteit uit uranium ongeveer 9 gram kooldioxide op, dat is vergelijkbaar
met windenergie. Voor aardgas is dat 600 gram en voor steenkool 1.200.
Kernenergie levert dus toch een bijdrage aan de vermindering van de uitstoot
van kooldioxide. Tweede-Kamerlid Diederik Samsom van de PvdA beaamt
dat, maar voegt er aan toe dat er ook andere redenen zijn om Borssele te
sluiten. Hij is natuurkundig ingenieur en voerde als campagneleider
van Greenpeace Jarenlang actie tegen kernenergie en tegen Borssele.
Of het openhouden van Borssele een breekpunt is in de formatie (CDA is
voor openhouden, PvdA tegen) kan hij niet zeggen. Volgens hem moet de
centrale dicht omdat de opslagruimte bij de Centrale Organisatie Voor
Radioactief Afval (COVRA) niet berekend is op de extra productie van
hoogradioactief afval. Volgens Hans Codée, directeur van de COVRA,
valt dat wel mee. De opslagruimte heeft aardig wat capaciteit, mede omdat
er minder afval terugkomt uit de opwerkingsfabriek. Mocht er desondanks
gebrek aan ruimte zijn, dan is er zo een module bijgebouwd, aldus Codée.
Samsom wijst er verder op dat de kerncentrale in Borssele er niet jonger
op wordt. Met name het reactorvat zou volgens hem de komende jaren problemen
kunnen gaan opleveren, gezien ervaringen elders. Ook dat zou een reden
zijn om de centrale te sluiten. Die veronderstelde slijtage wordt weersproken
door adjunct-directeur Miesen van EPZ, de exploitant van Borssele.
Hij wijst er op dat Borssele geldt als een van de veiligste centrales ter
wereld en bovendien vrijwel Jaarlijks wordt geinspecteerd door inspecteurs
van de IAEA. Volgens hem kan het reactorvat, het hart van de centrale,
nog wel vijftig jaar mee. De belangrijkste reden van Samsom om Borssele
te sluiten is echter dat kernenergie volgens hem niet duurzaam is, omdat
de voorraden uranium bescheiden zijn en vooral omdat er geen definitieve
oplossing is voor radioactief afval. Als je echt duuname energie wilt,
moet je daar nu aan beginnen en niet krampachtig Borssele willen openhouden."
Hij "baalt postuum", want als Nederland de afgelopen tien jaar fors had
geinvesteerd in windparken op zee, dan hadden we een veelvoud van de elektriciteitsproductie
van Borssele uit wind kunnen halen.
----------------------------------------------------------------------------------------VERZET
IN NEDERLAND Hoewel de Communistische Partij Nederland al in 1960 demonstreerde
tegen prof. Kistemaker en de door hem ontwikkelde ultracentrifugetechniek
om uranium te verrijken, komt het verzet tegen kernenergie pas begin
jaren zeventig echt op gang. Bij het in bedrijf nemen van de kerncentrale
in 1973 werd in de gemeente Borsele (in tegenstelling tot de naam van de
centrale met enkel s) huis aan huis sen evacuatieplan verspreid. Niet
veel later verschenen er plotseling verkeersborden langs de weg die
het gebied rondom de centrale tot verboden gebied verklaarden voor zwangere
vrouwen en kinderen. De Provinciale Zeeuwse Elektriciteitsmaatschappij
PZEM reageerde op de aantijgingen van de actievoerders met een kleurige
folder over kernenergie als schone energiebron voor de toekomst.
Veel verzet was er ook tegen de Kalkarheffing, waarvan de opbrengst was
bestemd voor de snelle kweekreactor in het plaatsje Kalkar in Duitsland
en tegen de uitbreiding van de ultracentrifugefabriek in Almelo. Ook
het dumpen van radioactief afval in zee en de proefboringen in de zoutkoepels
in de bodem van Groningen en Drenthe stuitten op verzet. Die boringen
waren nodig om na te gaan of de ondergrondse zoutkoepels geschikt zouden
zijn voor de opslag van radioactief afval. Een reportage in 1978 over
kinderen die aan leukemie overleden nadat ze op het terrein van de KEMA
vermoedelijk in contact waren geweest met radioactief afval, zorgde
ervoor dat het onbehagen zich verder verspreidde.
Na het ongeluk met de Amerikaanse centrale in Harrisburg werden de acties
tegen kernenergie harder. Bij een demonstratievoor sluiting van Borssele
in 1979 werden vernielingen aangericht aan hekwerk en bijgebouwen van
de naastgelegen kolencentrale. Het jaar daarop was er een blokkade die
door de ME met geweld werd gebroken. Ook de centrale bij Dodewaard was
regelmatig doelwit van meerdaagse blokkades, waarbij zowel de mobiele
eenheid als sommige demonstranten niet schroomden geweld te gebruiken.
Van de kant van de tegenstanders werden ook pogingen ondernomen de elektriciteitsvoorziening
te saboteren, onder andere op aanwijzing van de actiegroep 'Willie Wortel
en de Lampjes'. Daadwerkelijke onderbreking van de stroom door sabotage
is maar een enkele keer gelukt. Begin jaren tachtig was het verzet tegen
kernenergie zo omvangrijk dat de regering besloot tot een twee jaar durende
Brede Maatschappelijke Discussie Energiebeleid. Vele tegenstanders
van kernenergie wierpen zich op als discussieleider voor de tientallen
bijsenkomsten in buurthuizen en achterafzaaltjes. Zo verdienden ze
niet alleen een leuk zakcentje, maar konden ze ook de discussie sturen
in de richting van 'kernenergie, nee bedankt'.
De uitkomst van de BMD, geen nieuwe kerncentrales, wekte dan ook geen
verwondering. Ook de toenmalige regering liet zich er niet door beinvloeden
en stelde voor twee nieuwe kerncentrales te bouwen. Dat voornemen werd
eind april 1986 echter weggespoeld door een golf van ontzetting en later
verontwaardiging over de ontploffing van een kerncentrale in Tsjernobyl.
Die ramp luidde het einde in voor de verdere ontwikkeling van kernenergie
in Nederland. In 1997 werd de kerncentrale in Dodewaard stilgelegd wegens
gebrek aan perspectief en op dit moment ligt er een initiatief wetsvoorstel
van ir. Marijke Vos, Kamerlid voor Groen-Links, om Borssele te sluiten.
De tijd dat duizenden mensen daarvoor de straat opgingen, lijkt echter
voorbij.
|