|
Zuid-Afrika besluit binnenkort of het overgaat tot de bouw van een nieuwe
generatie kleinschalige kerncentrales. Nederland levert via NRG in
Petten een belangrijke bijdrage aan de technologie. 'De geliberaliseerde
energiemarkt vraagt om kleine, flexibele kerncentrales met een laag
investeringsrisico.'
Het Zuid-Afrikaanse staatselektriciteitsbedrijf Eskom hoort in het
eerste kwartaal van 2003 of het een vergunning krijgt voor de bouw, bij
Kaapstad, van een nieuw type kerncentrale, de hoge-temperatuur gasgekoelde
reactor (HTR). Eskom overweegt om de komende jaren tien van deze kleine
centrales to gaan bouwen. Ook bedrijven in de Verenigde Staten en Frankrijk
zijn gecharmeerd van de HTR.
Bij de Nuclear Research and consultancy Group (NRG) in Petten wordt met
spanning gewacht op het besluit uit Zuid-Afrika. HetNederlandse bedrijf,
een 70/30 Joint venture van Energieonderzoekcentrum Nederland (ECN)
en Kema, is van het begin of aan, sinds een jaar of acht, betrokken geweest
bij de ontwikkeling van de HTR. Wij zijn in de wereld leidend in een aantal
niches van het kernenergieonderzoek, verklaart NRG-directeur André
Versteegh.
Hoewel in Nederland na de sluiting van Dodewaard en de sluitingop-termijn
van Borssele geen plannen zijn voor de bouw van nieuwe kerncentrales,
heeft de Nederlandse regering wel altijd het beleid gehad om een eigen
`nucleaire competentie' in stand te houden. NRG, dat deels wordt gesubsidieerd
door het ministerie van Economische Zaken (EZ), kreeg daartoe van de
overheid naast medische taken de opdracht om onderzoek to doen naar de
`kerncentrale voor de toekomst'. `We kregen de vrije hand', zegt Versteegh.
`Daardoor konden we lang vooruitkijken en hebben we een voorsprong opgebouwd.'
Versteegh doelt daarbij op de veranderende vraag die het gevolg is van
de liberalisering van de energiemarkt. `In de vrije markt is vraag naar
kleine, flexibele en veilige centrales. Daar zijn wij sterk in.' De meeste
bestaande kerncentrales, in landen als Duitsland en Frankrijk, zijn
grote staatsprojecten: duur in bouwkosten, met hoge vaste lasten en
lage variabele kosten. Bij uitstek geschikt om to zorgen voor continue
stroomvoorziening, maar niet om in to spelen op een snel veranderende
markt.
Gezien de onzekerheden van de vrije markt, willen private investeerders
de risico's van zulke grote projecten niet meer dragen, stelt Versteegh.
`Zij willen centrales met een laag investeringsrisico, die flexibel
inzetbaar zijn.' Aan die eisen voldoet de HTR. De centrale heeft een vermogen
van slechts 100 megawatt (MW). Ter vergelijking: de kerncentrale in
Borssele heeft een vermogen van 483 MW. In Frankrijk staan reactoren
van 1200 tot 1400 MW. De bouwtijd van de HTR is twee tot drie jaar. De bouwkosten
worden geschat op 100 mln. Een moderne gasgestookte centrale is iets
goedkoper om to bouwen. De gascentrale die Shell bouwt in de Rijnmond
kost 622 mln en heeft een capaciteit van 790 MW. Daarentegen zijn de brandstofkosten
van een kerncentrale laag. De kosten van de totale brandstofcyclus,
inclusief de afvalverwerking, vormen 15% van de bedrijfskosten. Een
belangrijk voordeel van een kleine centrāle is dat hij minder kwetsbaar
is voor terroristische aanslagen. De HTR is extra veilig omdat hij voor
een deel onder de grond komt te staan.
Misschien wel het belangrijkste argument voor de HTR, is dat een ongeluk
ā la Tsjernobyl niet mogelijk is met deze centrale. `Ook al valt alle koeling
weg, dan kan er nog geen radioactiviteit ontsnappen', zegt Versteegh.
Dat komt omdat de brandstof, het uranium, lekdicht verpakt zit in hele
kleme brandstofkorrels, die op hun beurt weer zijn opgeslagen in grafietballen.
De kernreacties vinden plaats in de korrels. Die laten geen straling
door tot een temperatuur van 1600 graden Celsiuā. En die temperatuur
kan de reactor zelfs bij het wegvallen van alle koeling nooit bereiken.
Aldus Versteegh.
De HTR produceert daarnaast 50% minder radioactief afval, nog altijd
de achilleshiel van de kernenergiesector. NRG doet in opdracht van de
overheid onderzoek naar het verkorten van de levensduur van kernafval.
Volgens Versteegh is het technisch al mogelijk om met behulp van snelle-reactorsystemen
de levensduur van radioactief afval terug te brengen van enkele honderdduizenden
naar enkele honderden jaren. Daarvoor zijn echter forse investeringen
nodig. `Het kan nog wel 20 tot 25 jaar duren voordat de oplossing op grote
schaal ingevoerd zal zijn', erkent hij. Nederland heeft onlangs nog
besloten om al het radioactief afval voorlopig bovengronds to blijven
opslaan, bij Covra in Vlissingen. Het hoog radioactief afval uit Nederland
dat nu in het Franse La Hague én het Britse Sellafteld ligt opgeslagen,
komt weer terug in Nederland. Het is Europees beleid dat ieder land zijn
eigen afval moet opslaan.
Ondanks de voordelen van de HTR, is het de vraag of hij ooit zal worden gebouwd.
De vooruitzichten voor kernenergie in de wereld zijn onzeker. Kerncentrales
dragen nu voor bijna 20% bij aan de wereldwijde stroomvoorziening. De
meeste toekomstscenario's gaan ervan uit dat het vermogen aan kernenergie
de komende twintig jaar gelijk zal blijven. Bij een groei van de vraag
betekent dit dat het marktaandeel zal zakken naar zo'n 13% in 2020. In
enkele Europese landen worden centrales gesloten. Alleen Finland overweegt
nieuw bouw. Volgens Versteegh is vooral de houding van de Verenigde Staten
van cruciaal belang. `Ik verwacht dat de VS het eerste land zijn waar kernenergie
opnieuw een grote rol gaat spelen. Zij willen minder afhankelijk zijn
van het buitenland:' Kernenergie zit in de VS- nu alweer in de lift, zegt
Versteegh.`De bedrijfstijd van bestaande centrales is met 30% gestegen
de afgelopen tijd. De prijzen van centrales stijgen: En de regering-Bush
heeft de vergunningverlening sterk vereenvoudigd. Als je een vestigingsvergunning
hebt en een gecertificeerde reactor, kun je gaan bouwen.' `
Ook de Franse Areva Group, naast het Brits-Amerikaanse BNFL Westinghouse
en het Japanse Mitsubishi een van de grote drie kerncentralebouwers
in de wereld,overweegt serieus om een eigen versie van de HTR te gaan bouwen
zegt Versteegh. Ook in Nèderland komt keriienergie weer op de agenda,
predikt de NRG-directeur. `Er was sprake van overcapaciteit in de elektriciteitsmarkt,
maar daar is weinig van over. Zonder import redden we nu al niet niet meer.
Dat is niet zonder risico's bij zoiets essentieels als de stroomvoorziening.
Als er problemen zijn in het buitenland, komen wij toch op de tweede plaats.
'Aan nucleaire competentie is in Nederland in ieder geval geen gebrek.
Die is niet alleen aanwezig bij NRG, maar ook bij de vier grote elektriciteitsproducenten
die in Nederland actief zijn: Reliant, Eon, Essent en Electrabel. `Die
beschikken op hun thuismarkt allemaal over kerncentrales.' KAREL BECKMAN.
HOE WERKT HET? In een kerncentrale wordt uranium gespleten om warmte
to produceren. De warmte wordt - net als in een gewone thermische centrale
- gebruikt om water (of in het geval van de HTR: heliumgas) te verhitten.
De stoom die hierdoor wordt gevormd, of het helium, gaat naar een turbine,
waar deze expandeert en de turbine in beweging zet. De turbine drijft
een generator aan, die de energie omzet in stroom. In een traditionele
kerncentrale bevindt het uranium zich in staven. Als de koeling wegvalt,
kunnen de staven smelten, waardoor radioactiviteit vrijkomt. Noodkoelsystemen
moeten dat voorkomen. In een HTR bevindt het uranium zich in brandstofkorrels,
die weer zijn opgeslagen in grafietballen. De kernreacties vinden plaats
in de korrels. Die laten geen radioactieve producten door tot een temperatuur
van 1600 graden; die de reactor door zijn lage vermogen ook bij wegvallen
van de koeling nooit haalt.
|