|
IN FORUM van 15 november reageert de woordvoerder van Greenpeace, Geert
Ritsema, op mijn column 'De cynici van Greenpeace'. Hij klaagt dat ik
mijn bezwaren richt tegen de strategie die Greenpeace in zijn campagne
tegen genetisch gemodificeerde gewassen heeft gekozen, en dat ik op
de inhoud nauwelijks in ga.
Maar die strategie was ook juist het onderwerp van mijn column. Mijn
conclusie was dat Greenpeace geen serieuze gesprekspartner is zolang
het zich zo opstelt. Oe organisatie zit nog steeds vast in het model van
de strijd tegen de walvisvaart en een absoluut en haast religieus besef
van het totale eigen gelijk, een gelijk dat elk middel rechtvaardigt,
en dat zich daarom niets hoeft aan te trekken van wettelijke grenzen,
en al helemaal niet van de argumenten van een ander. Die opstelling is
wel te billijken ~ als de tegenpartij tegen alle internationale verdragen
in bezig is de laatste, levende walvissen te vermoorden. Maar Greenpeace
diskwalificeert zichzelf als het denkt deze guerrilla-methode
ook toe te kunnen passen bij een discussie over genetische manipulatie.
Waar ik bezwaar tegen maakte was het op grote schaal liegen tegen het publiek.
Zo probeert men het publiek bang te maken door te zeggén dat een producent
(in dit geval het bedrijf Novartis) een mais-product op de markt brengt
dat extra knapperig is, omdat er een gen van een schorpioen is ingebracht.
Een sterk verhaal, maar het probleem is dat het niet waar is. Het publiek
heeft hier niets aan, wil een serieus debat, en daar kan Greenpeace pas
in participeren als het ophoudt met liegen en bedriegen. Men heeft kennelijk
van de afgang rond de Brent Spar (waar ook bewust op grote schaal foute
informatie werd verspreid) nog niets geleerd. Wat is nu de reactie van
Greenpeace-woordvoerder Ritsema op deze kritiek: 'Toegegeven, Greenpeace
zoekt met deze vorm de grenzen op.' Ook in zijn weerwoord zet de Greenpeace-woordvoerder
de guerrilla-tactieken voort. Hier is ook een methode: verdacht maken.
'Behalve columnist is Plasterk ook lobbyist. Hij is -- samen met bedrijven
als Unilever en AKZO Nobel -- een van de indieners van het 'Strategisch
Actieplan Genomics', waarin aan minister Jorritsma wordt gevraagd
om een subsidie van 500 miljoen voor de biotech industrie'. Net als bij
de genetica-campagrie zit het vileine hem wederom erin dat de onwaarheden
zo worden vermengd met waarheden dat het geheel niet totaal onjuist is.
Ik ben inderdaad op verzoek van de minister van EZ lid geweest van een commissie
die heeft geadviseerd over de vraag wat Nederland zou moeten doen op het
gebied van DNA-onderzoek.
Maar de commissie heeft beslist niet geadviseerd om 500 miljoen gulden
aan het bedrijfsleven te subsidieren. Het advies was om door subsidies
in de publieke sector, dus aan universiteiten en publieke onderzoeksinstituten,
ervoor te zorgen dat genetisch onderzoek en onderwijs in ons land zou
worden gestimuleerd. Geen pleidooi dus voor geld naar het bedrijfsleven,
maar geld voor academische wetenschap. Alle geindustrialiseerde
landen, ook al onze buurlanden, investeren in dit nieuwe wetenschapsgebied.
Inderdaad is dit terrein behalve van groot medisch, ook van groot economisch
belang. Dat lijkt me geen schande, maar voor subsidie voor de biotech-industrie
heb ik nooit gepleit. Mijn eigen sector is die van het bio-medische onderzoek
(niet de landbouw dus), en vanuit die expertise zat ik als geneticus in
die commissie. Dat ik een lobbyist zou zijn is dus beslist onjuist.
In mijn vorige column heb ik al geschreven dat er een serieuze discussie
zou moeten komen over genetisch gemodificeerde gewassen. Ik gaf al aan
dat er met name op het gebied van de effecten op het ecosysteem onzekerheden
zijn, en dat er daarom meer onderzoek nodig is. De andere bezwaren die
Greenpeace aanvoert, gevaren voor de gezondheid van de consument, zijn
niet realistisch. Het is bijvoorbeeld niet zo, zoals Ritsema suggereert,
dat het eten van een gewas waar een antibioticum-resistent gen in zit
ertoe zou kunnen leiden dat mensen resistentie tegen antibiotica opbouwen.
En de kans dat men van een gewas waar één enkel nieuw gen aan is toegevoegd
een allergische reactie zou krijgen is verwaarloosbaar klein, duizenden
malen kleiner dan de kans dat men van een totaal nieuw product (zoals de
kiwi, die op miljoenen punten verschilt van de sinaasappel en de peer)
een allergie zou krijgen. Het laatste woord hierover is zeker nog niet
gezegd, er zal nog veel over gediscussieerd moeten worden, maar dan wel
op een zindelijke manier. Het zou goed zijn als ook Greenpeace daartoe
over zou gaan.
|